25-08-14

ONRIJM

ONRIJM

onbezonnen schenenvuur vlammenwerper
augusthuis van summer sudder eierdooier
dobberend in apegapend grieksblauw zwerk
druiventrossen bloeden purper als gekwetter
ze bestookt met scherp rotting in de vijvers
overdaad en stroop blader verder na de blaren
en de blossen oker pokert met de schraaltezon
pâté feuilletée reutemeteut gekruld te gronde
de heksen van de herfst verschrapen bezems
blubber binnenkort en kraaknette kaaltekruinen
röntgenfoto’s staven donkerte der dagen
kil gebinte koud gebeente nerven stervend
het plooit het vouwt het krult het kreukt het krimpt
vreselijke vries met pet en pret aders van ijs
verblauwd als wintermelk spiksplinter schilferfeest
knisper en vanillevreugde weer zoet verstreken
pleidooi weldra voor bot en knop en sap
de daver in de dagklapper wordt palaver
ontwinterd duikt gevederte een luftwaffe
appartemensen vuren wederzijdse bloemen af
kadaver begraven magnolia mimosa en dan
daarweer de speren van de zonnewagen