15-02-07

DOOD VAN EEN KIND

De stad slaapt. Alles is rustig. Een rat met zachte vacht vlucht voor het schijnsel van de nachtwacht. In alkoven snurken burgers. Langzaam draait de aarde rond: blauwe bol, open riool, vergaarbak van gerochel, kanker en vulkanen. Vrede op het plein. Niets beweegt. Een oude straathond spert zijn muil en jankt zijn blues tot op het bot. Een man verdrinkt in kwijl en kommer. De maan beveelt de zee, de vrouwen. In hun dromen zit hun mond vol slijk en drijven lijkjes op de golven. Zwaartekracht balt onrust samen. Het gebinte op de appelzolder kraakt. De splijtstof in de navel sluimert. De kleine Newton blaast een speekselbel en draait zich op zijn andere zij.

De commentaren zijn gesloten.