19-01-07

DOOD VAN EEN LIEFDE

Je zit in Normandië, aan eeuwige zee. Daar woedt weer oorlog en ik kan niet landen zoals jij het wil en ik. Wij dus, geallieerd maar apart. Je zit in mijn landschap, mijn voorgrond, mijn voetlicht. En toch ben je er niet. Hoe licht het ook zij, daar en toen, mijn hart blijft een donkere kamer. Meeuwen ontbreken maar zwieren daarbuiten en strooien kwistig hun klachten rond. Er waait wat haar naar het westen van jou. Als de duivel je niet komt halen, dan doe ik dat zelf wel. Want je hebt je van mij afgepakt. Ik klim op bergen, roep in talen: waar ben je met je lijf, je leden en je linkerhart? Ik blijf een warme oorlog voeren, als een blinde correspondent.

De commentaren zijn gesloten.