17-10-06

MASSIS

Massis! Gij mammoet uit Gent! Gij toneelmeester zonder pardon, gij politieker zonder plastron. Als gij een trein vertrekt, ewel, begot, dan is dat spel wel op tijd niewaar! Wat zoudt gij zonder tanden zijn als g’uw partij wenst toe te spreken. Hei! Goliath uit d’omstreken van Gent! Zet gij eens met uw zegelring een stempel op de deur van ’t Minnesterie van Teleurstelling. Dat ze ’t maar goed geloven in die tempel! Dat ge d’er zijt tot spijt van wie ’t benijdt: wie met zijn tanden paarden en loco’s tegengaat en met zijn handen gensters slaat, is voorwaar een kunstenaar. Massis! Leeuw van Schelde en van Leie! Ik zag u graag op de teevee. Wanneer doet ge nog eens mee? ’t Is maar dat ge concurrentie hebt: mijn zoon haalt al eigenhandig een entrecote van 3 kilo uit mijn frigo, en hij traint nu ook al voor een rol in een tolkshow met meiden & stoere bonken. Ware het niet van die melktanden, ’t was al lang geklonken. Ik sluit hierbij, Massis, in een goede bui: gij zijt de sterkste, en niet Arfeuille!

De commentaren zijn gesloten.